De digitale wegwerpcamera van IKEA

IKEA heeft de KNÄPPA gelanceerd, een digitale camera gebouwd uit karton.

cam1 mini

Is dit de vervanger van de oude wegwerpcamera’s? Ik betwijfel of het even succesvol gaat zijn als de oude, aangezien veel mensen ondertussen een camera hebben op hun gsm. Waarom dan nog een extra camera kopen, waarvan de kwaliteit waarschijnlijk niet groter zal zijn? Maar in tegenstelling tot de oude wegwerpcamera’s kun je deze camera wel hergebruiken: de batterijen zijn te vervangen en het ontwikkelen van de foto’s is gewoon inpluggen in de USB-poort van je computer.

Prijzen en beschikbaarheid zijn nog niet bekend, maar in onderstaand filmpje wordt het concept in elk geval al uitgelegd.

0

 

WIFI-signaal verbeteren

Een goeie vier jaar geleden schreef ik al eens een post over het verbeteren van het signaal van je draadloze router. Het bleek een heel populaire post te zijn, nog steeds een van de meest gelezen posts van deze blog. Vooral via zoekmachines komen mensen bij die post terecht. Veel mensen zitten dus duidelijk met problemen met het signaal van hun draadloos netwerk. Vandaar dus dit vervolg met nog een andere oplossing.

Onlangs kwam ik op de blog van Michel Vuijlsteke een post tegen over een andere manier om je signaal te verbeteren. En deze keer gaat het over een oplossing voor de computer in plaats van de router. Je hebt er enkel een GSM (niet eens een smartphone) en een ethernetkabel voor nodig. Uitleg in het onderstaand filmpje:

0

Ik heb het zelf niet uitgetest, maar voor mensen met ontvangstproblemen misschien wel het proberen waard.

Logitech R400

Vorige week ben ik begonnen met de lessen Powerpoint. Ik begin die lessen altijd met ongeveer drie kwartier tips en voorbeelden over presenteren op zich. Daarbij verwijs ik altijd naar Presentation Zen van Garr Reynolds, maar daar wil ik het hier niet over hebben.

Een van de tips van Garr Reynolds is het gebruik van een presenter om zo vrij rond te kunnen lopen. Ook die tip geef ik mijn studenten en toon dan steeds de presenter die ik zelf gebruik. En ik dacht: waarom er ook geen blogpost over schrijven? Iedereen die vaak presentaties geeft zou eigenlijk een presenter moeten gebruiken.

image 150x150

Ik gebruik zelf de Logitech R400 en ben daar zeer tevreden van. Hij ligt goed in de hand en werkt zowel met Mac als Windows. Er zitten niet al te veel opties op, maar meer heb ik niet nodig. Je kunt ermee naar de volgende en vorige slide, je presentatie starten of je presentatie op zwart zetten (een tip om de aandacht van het publiek vast te houden als je eventjes van de slides afwijkt). Daarnaast bezit hij ook een laserpointer en kun je er redelijk ver mee weglopen. Zelfs in de grootste klaslokalen van de KHBO kan ik nog probleemloos helemaal achteraan mijn slides bedienen. En dan spreken we toch makkelijk over een 10-15 meter. Ten slotte is er ook een batterij-indicator die aangeeft of je batterij bijna leeg is. Ik gebruik mijn presenter nu ongeveer een jaar en hij geeft nog altijd vol aan, dus de batterij gaat in elk geval lang mee.

ratones logitech. raton presenter r400 wireless retail 5g 150x150

De R400 werkt natuurlijk draadloos en gebruikt daarvoor een USB-dongle die perfect past in de onderkant van de presenter, zoals je op de foto hiernaast kunt zien. Dit werkt op elke PC met een vrije usb-poort en zonder software te installeren, wat niet altijd het geval is met bluetooth-presenters. Alleen niet vergeten om hem na een presentatie weer uit de computer te halen. De R400 wordt ook geleverd met een passend hoesje, zodat je hem zonder zorgen in je tas kunt gooien.

Mocht je deze (of een andere) presenter willen kopen, dan kan ik de online shop van Coolblue aanraden. Zelf heb ik hem (en veel andere zaken) daar ook gekocht en ben zeer tevreden van de service. En mocht je heel ver van je computer staan of graag een timer met trilfunctie willen, dan is er nog altijd de Logitech R800.

Putje Wintertocht – Doomkerke

Vandaag heb ik samen met collega’s van de KHBO de Putje Wintertocht gewandeld in Doomkerke. Ik heb deze gelegenheid aangegrepen om de videomogelijkheden van de D7000 te testen alsook Final Cut Pro X. Hieronder vind je het resultaat. Voor de beste kwaliteit kies je 720p en fullscreen.

De video is volledig handheld gefilmd met de Nikon D7000 en een Nikkor 35mm f1.8. Dankzij de LCDVF was het mogelijk om zelfs handheld nog redelijk stabiele beelden te maken en manueel te focussen. De Nikon hing aan een BlackRapid en de LCDVF aan een lanyard rond mijn nek. Hierdoor had ik een heel mobiele configuratie die mij niet hinderde bij het wandelen.

Om een goed resultaat te hebben met een DSLR bij het filmen moet je alles manueel instellen. Door de wisselende omstandigheden (buiten en binnen, geen zon tot volle zon) was dit geen sinecure. De meeste buitenopnamen zijn gemaakt met ISO 100 en f5. Aangezien ik opneem in 25p was de sluitertijd 1/50. Bij momenten met veel zon heb ik gebruik gemaakt van een ND Vario Filter om ongeveer dezelfde belichting te behouden. Voor binnenopnamen heb ik meestal gefilmd op f1.8 met een ISO van maximaal 640.

De montage heb ik volledige gedaan met een trailversie van Final Cut Pro X. De mogelijkheden zijn een pak uitgebreider dan iMovie, maar toch blijft het relatief eenvoudig om mee te werken. De muziek komt van Incompetech, een website waar Kevin MacLeod eigen creaties rechtenvrij (CC BY 3.0) en volledig gratis (zelfs voor commercieel gebruik) ter beschikking stelt.

De resultaten kunnen zeker nog beter – zo heb ik nog niks gedaan op het vlak van color grading – maar toch ben ik tevreden met het resultaat. Alle opmerkingen zijn welkom.

Facebook Timeline, interessant én gevaarlijk

Facebook heeft vrijdag enkele nieuwigheden aangekondigd. De meest in het oog springende is Timeline. Voorlopig is dit enkel beschikbaar voor developers, maar aangezien ik vroeger al eens een app gemaakt had voor Facebook kon ik het dus al onmiddellijk uittesten. Onderaan het artikel vind je ook hoe je zelf Timeline kan activeren.

Op het eerste zicht doet Timeline me denken aan een online dagboek, met de belangrijke gebeurtenissen in je leven, foto’s, filmpjes, plaatsen waar je bent geweest, berichten die je hebt geschreven enzovoort. Het is heel leuk om je ganse leven op één plaats te kunnen herbeleven en dingen die je al vergeten was opnieuw te ontdekken.

Het gevaar zit er hem natuurlijk in dat het online is én heel makkelijk doorzoekbaar. En ja, je kunt heel makkelijk zaken uit je Timeline verbergen of verwijderen. En ja, je kunt bij elk onderdeel instellen wie het mag zien. Maar het probleem zit hem in dat “kunnen”: je moet zelf dingen gaan verwijderen of de toegang beperken (mocht je dat nog niet gedaan hebben). Het wordt op deze manier natuurlijk heel makkelijk voor anderen om te zien wat jij allemaal gedaan hebt. Het doet me denken aan onderstaand filmpje (en dat was dan nog maar de oude Facebook).


CIA’s ‘Facebook’ Program Dramatically Cut Agency’s Costs

Het wordt nog erger als je kijkt naar de vernieuwde Open Graph Apps. Daarmee kun je artikels lezen van kranten, muziek beluisteren via Spotify, spelletjes spelen enzovoort. Het sociale zit in het automatisch delen van de artikels die je leest, de muziek die je beluistert of het spel dat je speelt in je Timeline. Er is geen knop meer die je moet indrukken! Wanneer je op een artikel klikt, verschijnt het onmiddellijk in je Timeline! Best dus twee keer nadenken voor je zomaar een artikel aanklikt, want iedereen komt te weten wat je gelezen hebt. Je kunt het nadien wel weer verwijderen uit je Timeline, maar het heeft er dan wel even ingestaan.

Op zich ben ik wel positief over de Timeline, maar het wordt nog belangrijker om goed na te denken voor je iets op Facebook plaats, of zelfs maar op Facebook leest of beluistert!

Wil je meer informatie, dan kun je de Keynote bekijken of je kunt ook zelf al aan de slag gaan met de Timeline met de instructies op http://techcrunch.com/2011/09/22/how-to-enable-facebook-timeline/. Let wel op: je bent dan bezig als developer met een testomgeving. Er kunnen dus de nodige bugs in zitten. Ik ben er zelf nog maar eentje tegengekomen.

Lopen met de iPhone

Sinds een maand loop ik uitsluitend nog met een iPhone 3GS (en toebehoren) om alle data te verzamelen. Tijd dus om hier even mijn ervaringen neer te pennen.

Toen ik pas begon te lopen (ondertussen al 8 jaar geleden, van de iPhone was er nog lang geen sprake) gebruikte ik gewoon een horloge om te timen hoe lang ik moest lopen. Op dat moment ging dat nog over minuten. Al snel vond ik dat dit toch niet echt volstond en wilde ik graag ook hartslag en afstand kunnen meten. Na wat opzoekingswerk viel mijn keuze op een Suunto t3 met footpod om te lopen en een extra fietssensor voor mijn racefiets. Op die manier heb ik een aantal jaren zonder problemen gelopen.

Anderhalf jaar geleden ontdekte ik Runkeeper, een app voor de iPhone die aan de hand van GPS je loopparcours bijhoudt en meteen doorstuurt naar internet. Dit maakt het heel interessant voor mensen die houden van statistieken (ik ben daar één van). Voordien hield ik zelf manueel statistieken bij in een spreadsheet, maar met Runkeeper gaat dit veel sneller met bovendien ook meer gegevens. Het leuke is dat je die statistieken ook kan delen via Twitter en Facebook. Dit zorgt voor extra motivatie. Je kunt zelfs een Streetteam aanmaken met andere gebruikers van Runkeeper om elkaar te volgen en aan te moedigen.

Tot een maand geleden gebruikte ik zowel Runkeeper op mijn iPhone als mijn Suunto (wel zonder footpod, want Runkeeper registreert de afstand via GPS). De Suunto werd eigenlijk enkel nog gebruikt voor hartslag. Maar tijdens de 10 km van Oostende in juni begon de Suunto vreemd te doen en registreerde een gemiddelde hartslag van 120. Mocht dit kloppen, was ik wel in een heel goede conditie! Tijd dus voor een nieuwe hartslagmeter, en waarom dan niet meteen integreren in Runkeeper?

Na wat opzoekingswerk bleek Wahoo sensoren te maken specifiek voor de iPhone, waaronder een hartslagband. Om die te kunnen gebruiken was er ook een ontvanger nodig die je in de dockconnector steekt. Maar daardoor paste mijn iPhone niet meer in het hoesje dat ik had om te lopen, dus maar meteen ook het specifieke Wahoo-hoesje gekocht. Dit alles (hartslagband, ontvanger en hoesje) heb ik gekocht voor € 169,90 Bij Sport-Tiedje.

Na een eerste training met Runkeeper samen met de Wahoo hartslagband werkte alles perfect, maar miste ik toch de hartslagzones van mijn Suunto. Runkeeper belooft wel dat dit komt, maar plakt er geen datum op. Gelukkige heeft Runkeeper recent zijn systeem ook opengezet voor andere apps. Een van die apps is iSmoothRun, en die heeft wel hartslagzones, naast onder meer autopause, grotere (en dus beter afleesbare) cijfers en weerinfo. De laatste trainingen heb ik afgelegd met iSmoothRun en ben nu eigenlijk volledig tevreden met deze oplossing. Alle gegevens worden na mijn training (kan zelfs live als je wil) onmiddellijk geupload naar Runkeeper en als ik thuis kom staan alle statistieken al klaar om bekeken te worden.

Wie mijn vorderingen wil volgen, kan terecht op http://runkeeper.com/user/matthieucalu

En nu ben ik gaan lopen.

 

De Standaard op iPad

Vandaag heeft De Standaard een nieuwe versie van zijn app voor iOS uitgebracht. En het is eindelijk een goede app geworden, aangepast aan de mogelijkheden van de iPad. De vorige versie was eigenlijk niets meer dan een PDF-viewer en dus compleet onaangepast voor de iPad. Beter dan niks, maar niet veel.

In de nieuwe app bestaat die optie ook nog steeds, maar je kunt nu ook kiezen voor een specifieke iPad-krant, aangepast aan de eigenschappen van de iPad. Je kunt vlot navigeren tussen de verschillende katernen, klikken op een kop opent het artikel, je kunt vlot doorheen een artikel scrollen en foto’s kun je fullscreen bekijken. De layout ziet er uit als een krant en is een mooi afgewerkt geheel. Echt een aangename leeservaring.

Ik heb deze morgen op de trein de krant volledig gelezen en ik vind het zelfs aangenamer lezen dan de papieren krant. Het enige wat ik nog mis is de mogelijkheid om een artikel te bewaren en te delen (via mail, Twitter, Facebook of Google+). Filmpjes invoegen zou misschien ook nog een leuke toevoeging zijn, maar dat mis ik eigenlijk niet echt.

Ook het meest recente nieuws kun je opvragen via een knop rechtsboven. Op de trein lukt dat natuurlijk niet, aangezien ik geen 3G op mijn iPad heb.

Op onderstaande filmpje legt De Standaard het zelf uit, maar als je een iPad hebt kun je hem de ganse maand september gratis uitproberen.

De app werkt ook op de iPhone, maar daar is de leeservaring toch niet zo ideaal als op de iPad. Het blijft daar bij de PDF. De mobiele website van De Standaard is dan wel weer heel goed gemaakt.

Ramp Pukkelpop & Twitter

Gisteren is er in Kiewit het ondenkbare gebeurd: een heel kort, maar stevig onweer heeft een ware ravage veroorzaakt op het festivalterrein van Pukkelpop. De zware tol staat momenteel op 5 doden, 8 zwaargewonden en tientallen lichtgewonden.

Twitterhulp

Opmerkelijk bij deze ramp was het belang van sociale media, en dan met name twitter. Terwijl de communicatie vanuit de organisatie heel beperkt was, en de traditionele media achter de feiten aanliepen, zorgde twitter voor een niet aflatende stroom nieuws. Maar vooral ook een heleboel hulp.

Net na de ramp begon het op twitter berichten te regenen met de hashtag #pp11 over de gebeurtenissen. Toen de omvang duidelijk werd, begonnen de eerste twitteraars als snel hulp te bieden in de vorm van vervoer en onderdak met de hashtags #hasselthelpt en #ppshelter. Wat later boden ook bedrijven onderdak aan via twitter, zoals Mobile Vikings, het Radisson hotel en Het Belang van Limburg.

Doordat het GSM-netwerk overbelast was, konden veel mensen niemand verwittigen dat ze ok waren. 3G bleef wel de hele tijd werken, en dus ook twitter. Ook heel wat buurtbewoners zetten hun WIFI-netwerk open zodat festivalgangers op internet konden. Al snel werd de hashtag #ppok gelanceerd om te melden dat je ok was. Enkele twitteraars boden spontaan aan om ouders op te bellen van festivalgangers die enkel konden twitteren.

Twitter & de politie

De hulp bleef niet beperkt tot Hasselt. Ook in grote steden als Antwerpen en Gent werd onderdak en vervoer aangeboden voor gestrande festivalgangers. Zo gebruikte Gent de hashtag #genthelpt. Toen enkele twitteraars naar het station Gent Sint-Pieters afzakten om gestrande reizigers op te pikken, heeft Steven De Smet (@DeFlik), de hoofdcommissaris van Politie Gent, heel snel en correct gereageerd. Hij informeerde de twitteraars van de aankomende treinen en het aantal pendelaars en coördineerde met de NMBS en de spoorwegpolitie de actie. Hieronder enkele berichten:

DeFlik 1 259x300Dit toont aan dat traditionele hulpdiensten en gewone burgers via twitter perfect kunnen samenwerken om anderen te helpen. Hopelijk is dit iets dat meer navolging krijgt. Politie Gent evalueert in elk geval deze samenwerking en kreeg vooral veel foute informatie van de NMBS. Daardoor waren er veel meer helpers dan hulpzoekenden.

Conclusie

Twitter is niet zomaar een gimmick, maar in noodsituaties een heel efficiënt hulpmiddel. Het doet deugd om te merken dat zovelen te hulp schoten en hielpen op de manier die ze konden. Op twitter was een grote solidariteit merkbaar. Hopelijk trekken de hulpdiensten en organisatoren hier lessen uit en zetten ze in de toekomst twitter nog meer in om te informeren en te coördineren met de mensen die willen helpen.